Toontje Hoger

 

Mannen die zingen alsof ze in hun ballen worden geknepen is van alle tijden. Volgens de overlevering al sinds de 13de eeuw. De term falsetto wordt in het Italië van de 16de eeuw voor het eerst gebruikt om de zangstijl van een man die als een sopraan (lees vrouw) zingt te typeren.

Alessandro Moreschi

Alessandro Moreschi

Deze manier van zingen trok volle (opera)zalen met het pijnlijke gevolg dat talentvolle jongens in hun pubertijd wel of niet gedwongen afscheid moesten nemen van hun klokkenspel, zodat hun hoge stemmetje ook op latere leeftijd intact bleef. Gelukkig stuitte dit op den duur op kritiek en werd in 1870 castratie in Italië illegaal verklaard. Eén van de laatste castraten, waarvan ook geluidsfragmenten bekend zijn, was Alessandro Moreschi (1856 – 1922).

In de afgelopen jaren hebben genoeg mannen bewezen ook prima zonder een chirurgische ingreep als een vrouw te kunnen zingen. Want hoe vaak zijn we niet op het verkeerde been gezet door de Sylvester’s en Charles & Eddie’s van deze wereld.

Open in Spotify


1. When Will I Be Famous van Bros
Een paar blonde jongens met oorbellen en leren jackies. Britse boyband, bestaande uit de tweelingbroertjes Matt & Luke Goss en Craig Logan. De laatste verliet de band al snel en werd later platenbaas.

2. We Don’t Have To Take Our Clothes Off van Jermaine Stewart
Want als we dat wel zouden doen waren we erachter gekomen dat de rol topdrop in zijn pofbroek er geen was. Stierf in 1997 aan de gevolgen van AIDS, slechts 39 jaar oud.

3. Bambi van Prince
Vooral in zijn begintijd bleef Prince het liefst langs de allerhoogste octaafladders fladderen. Wat een verrukkelijke gitaarsolo en was het mooi ervan live getuige te zijn in Paradiso, augustus 2013.

4. This Town Ain’t Big Enough For Both Of Us van Sparks
Waanzinnige plaat van één van de meest eigenaardige maar niet minder invloedrijke duo’s uit de pophistorie. Grootste hit uit een omvangrijk en divers oeuvre werd in 1997 opnieuw uitgebracht, nu samen met Faith No More.

5. Am I Wry? No van Mew
Deense rockband met een Jonas Bjerre Terkelsbøl op zang. Check.

6. Hot Child In The City van Nick Gilder
Het toppunt van Androgyne verwarring treffen we hier, de voormalig zanger van de Canades glamrockband Sweeny Todd. Dit nummer stond in 1979 bovenaan de hitlijsten in Amerika en Canada.

Sylvester

Sylvester

7. Do You Wanna Funk van Sylvester
Verkleedde zich als drag-queen en wie waren wij om te veronderstellen dat dit geen vrouw is? Discokeizer die in de jaren zeventig de successen aaneenreeg. Verwierf die status echter nooit, want kreeg (net als Donna Summer) het predicaat ‘Queen of Disco’ opgespeld.

8. Tragedy van Bee Gees
En natuurlijk ontbreken de drie nachtegaaltjes – The Brothers Gibb – niet. In tegenstelling tot wat velen denken is Tragedy, een mondiale hit uit 1979, niet afkomstig van de Saturday Night Fever soundtrack.

9. Liberian Girl van Michael Jackson
Ook de andere grote ster uit de ’80, die zo graag BAD wilde overkomen, had een stem die af en toe zo zoetsappig was, dat die net zo goed van zijn boezemvriendin Diana Ross of één van zijn zusjes had kunnen zijn.

10. It Ain’t Necessarily So van Bronski Beat
Het origineel is afkomstig uit George Gershwin’s opera Porgy and Bless (1935). Bronski Beat, met de falsetto zingende Jimmy Summerville, zette de song op hun eerste plaat en bracht het (Na Smalltown Boy en Why?) als derde single uit.

11. Would I Lie To You? van Charles & Eddie
Ofwel Charles Pettigrew and Eddie Chacon. Check hun optreden bij Top Of The Pops en wees getuige van een ware tweestrijd wie van het duo de meest verwijfde performance weggeeft. Op punten gewonnen door Eddie, wiens lange haar in zijn voordeel werkt. Net als 2. kwam ook Pettigrew jong aan zijn einde; hij overleed op 37-jarige leeftijd aan kanker.

12. A Whole New World van Nick Patera
In de titelsong van de animatiefilm Aladin (1992) neemt deze jongen beide stemmen voor zijn rekening. Het is ongelooflijk, totdat je het ziet. Dat kan trouwens hier, waarschuwing: na één minuut staat je mond open.

Aficionados: Grandmaster B en Mr. Mojo Risin